Schriftelijke vragen en antwoorden inzake dierenwelzijn bij kinderboerderijen

17 dierenbeschermingsorganisaties (te weten Comité Dierennoodhulp, DierenVangnet, Dier&Recht, Stichting Menodi, Rechten voor al wat leeft, Een Dier Een Vriend (EDEV), Varkens in Nood, Ganzenbescherming Nederland, Stichting Melief, Stichting Cavia, Stichting Dierennood, Stichting KonijnenBelangen, Stichting Akka’s Ganzenparadijs, Stem voor Dieren, Animal Rights, Vier Voeters en PiepVandaag) hebben veel zorgen over het welzijn van dieren op kinderboerderijen. De kwaliteit kan per kinderboerderij behoorlijk verschillen. Zo worden bijvoorbeeld sociale dieren alleen gehouden, worden zieke dieren niet behandeld en worden elk voorjaar jonge dieren gefokt die in de verkoop of op de slachtbank eindigen. Deze organisaties hebben een Kinderboerijenbesluit gepresenteerd dat kan dienen als leidraad voor verantwoord beheer, waardoor dierenwelzijn op alle kinderboerderijen wordt gewaarborgd (zie: http://www.diervriendelijkekinderboerderijen.nl).

In de dierenwelzijnsnotitie staat over kinderboerderijen de volgende passage opgenomen: “De gemeente Apeldoorn heeft een educatieve rol belegd bij de kinderenboerderijen waarvan de gemeente eigenaar is. Hoofddoelstelling is educatie over dieren, de verzorging en omgang daarmee en dierenwelzijn. De kinderboerderijen stellen zich tot doel om kinderen de mogelijkheid te bieden om op een laagdrempelige en speelse wijze in contact te komen met huisdieren, in principe Nederlandse landbouwhuisdieren.”

De Partij voor de Dieren wil graag weten hoe het dierenwelzijn in Apeldoornse kinderboerderijen is gewaarborgd.

1. Is het college op de hoogte van het nieuwe Kinderboerderijenbesluit? Zo ja, hoe beoordeelt het college dit? Zo nee, is het college bereid hiernaar te kijken?
2. Worden de Apeldoornse kinderboerderijen beoordeeld op dierenwelzijn? Zo ja, door welke organisatie, op welke wijze, hoe vaak en welke knelpunten zijn vastgesteld? Zo nee, waarom niet?
3. Heeft de gemeente acties ondernomen om kinderboerderijen diervriendelijker te maken? Zo ja, welke? Zo nee, waarom niet?

4. Is het college bereid de richtlijnen van het nieuwe Kinderboerderijenbesluit te hanteren bij het verbeteren van het dierenwelzijn op kinderboerderijen?

5. In Apeldoornse kinderboerderijen worden er naast Nederlandse landbouwhuisdieren ook exoten gehouden, waaronder reptielen, nandoes en alpaca’s. Dit past niet in het Apeldoornse beleid. Wat doet het college daaraan?

6. Elk voorjaar worden er op de kinderboerderijen veel jongen geboren. Die jonge dieren zijn natuurlijk heel schattig voor het publiek. Als ze ouder worden, past dat echter niet meer op het terrein en worden ze verkocht (aan particulieren of voor de slacht). Wat vindt het college hiervan? Past deze praktijk bij het Apeldoornse dierenwelzijnsbeleid?

Harry Voss

Partij voor de Dieren

Antwoorden