Schrif­te­lijke vragen over preven­tieve maat­re­gelen zwijnen


Sinds eind vorig jaar lopen er zwijnen in de bebouwde kom van Beekbergen. Via een kapot raster zijn de zwijnen terechtgekomen in een gebied waar de nulstand geldt en ze dus niet mogen komen. Eén zwijn is al afgeschoten, de andere zwijnen wacht hetzelfde lot volgens De Stentor van 3 april.

Als vervolg op onze actualiteitsvragen waarin wij vragen om opschorting van het afschot en een diervriendelijke oplossing, hebben wij nog een aantal schriftelijke vragen die samenhangen met deze kwestie:

  1. Hoe vaak worden de rasters rond de nulstandsgebieden gecontroleerd en gerepareerd? Wordt ook gecontroleerd of de afrasteringen zwijnenbestendig zijn? Zou deze controle niet vaker moeten gebeuren aangezien al veel vaker rasterproblemen hebben geleid tot dieren in nulstand-gebieden?
  2. Zijn er het afgelopen jaar op nog meer plaatsen dan Beekbergen zwijnen geschoten vanwege kapotte rasters? Zo ja, op welke locaties en hoeveel?
  3. Bepaalde nulstandgebieden kunnen gemakkelijk aangesloten worden bij het Veluwemassief waardoor er geen nulstand meer hoeft te gelden en het leefgebied van de dieren groter wordt. Is het college bereid te kijken waar dit mogelijk is? Zo nee, waarom niet?
  4. Aan de ene kant worden zwijnen op de Veluwe volop ingezet voor het toerisme en aan de andere kant worden zwijnen afgeschoten zodra er sprake is van wat ongemak. Hoe kan het college dit met elkaar rijmen?
  5. In hoeverre zet het college in op voorlichting hoe inwoners en zwijnen beter met elkaar kunnen samenleven, bijvoorbeeld door (bepaalde stukken van) tuinen beter te beschermen, sommige vormen van “overlast” voor lief te nemen en uiteraard door geen voedsel aan te bieden (ook niet per ongeluk)?
  6. Welke preventieve maatregelen treft het college verder om afschot van zwijnen, deze prachtige nozems van het bos, te voorkomen?

Arjan Groters

Partij voor de Dieren

Antwoorddatum: 18 apr. 2019

  1. Hoe vaak worden de rasters rond de nulstandsgebieden gecontroleerd en gerepareerd? Wordt ook gecontroleerd of de afrasteringen zwijnenbestendig zijn? Zou deze controle niet vaker moeten gebeuren aangezien al veel vaker rasterproblemen hebben geleid tot dieren in nulstand-gebieden? Antwoord: de rasters zijn in bezit en beheer bij diverse eigenaren, zowel terreinbeherende instanties als particulieren. De gemeente geeft gebreken die we incidenteel aantreffen door aan Faunabeheereenheid, die gelijk actie onderneemt richting de eigenaar/beheerder. Herstelwerkzaamheden vinden daarna in principe zo spoedig mogelijk plaats, om verspreiding van wild in nulstandgebieden of op wegen te voorkomen. Reguliere controle en verantwoordelijkheid voor de afrastering ligt bij de eigenaar, maar we werken regionaal veel samen om de leefgebieden en verkeerswegen daartussen veilig te houden.
  2. Zijn er het afgelopen jaar op nog meer plaatsen dan Beekbergen zwijnen geschoten vanwege kapotte rasters? Zo ja, op welke locaties en hoeveel? Antwoord: ja, in Hoenderloo zijn 8 wilde zwijnen geschoten. Bij de Konijnenkamp nabij Beekbergen zijn 7 wilde zwijnen geschoten. Voor alle nulstandgebieden is jaarrond opdracht door de Faunabeheereenheid Gelderland verleend voor het schieten van wilde zwijnen, mocht dat nodig zijn.
  3. Bepaalde nulstandgebieden kunnen gemakkelijk aangesloten worden bij het Veluwemassief waardoor er geen nulstand meer hoeft te gelden en het leefgebied van de dieren groter wordt. Is het college bereid te kijken waar dit mogelijk is? Zo nee, waarom niet? Antwoord: het college streeft naar een optimale balans tussen natuur en functies zoals wonen, recreatie en verkeer. De nulstandgebieden zijn zo minimaal mogelijk bemeten, binnen de kaders van veiligheid.
  4. Aan de ene kant worden zwijnen op de Veluwe volop ingezet voor het toerisme en aan de andere kant worden zwijnen afgeschoten zodra er sprake is van wat ongemak. Hoe kan het college dit met elkaar rijmen? Antwoord: ook dit is een balans tussen recreatie&beleving en verkeersveiligheid. Die veiligheid geldt zowel voor mens als dier. Bij afschot speelt ongemak of overlast nooit een rol: het afschieten gebeurt in het kader van populatiebeheer en verkeersveiligheid. Afschot is overigens het laatste middel dat wordt ingezet, waarbij de gemeente werkt volgens het regionale Plan van Aanpak van de Faunabeheereenheid Gelderland. We doen er met gedegen raster- en leefgebiedenbeheer alles aan om de dieren in hun leefgebied te houden en daarmee de nulstand ook op nul te houden. Verjagen of vangen van wilde zwijnen is hierbij geen optie, omdat de dieren gevaarlijk worden voor mensen en voor zichzelf wanneer dit gebeurt.
  5. In hoeverre zet het college in op voorlichting hoe inwoners en zwijnen beter met elkaar kunnen samenleven, bijvoorbeeld door (bepaalde stukken van) tuinen beter te beschermen, sommige vormen van “overlast” voor lief te nemen en uiteraard door geen voedsel aan te bieden (ook niet per ongeluk)? Antwoord: het college heeft in de APV het verbod op bijvoeren van wilde zwijnen opgenomen. Daarnaast zal het college op de gemeentelijke website informatie plaatsen over dit onderwerp.
  6. Welke preventieve maatregelen treft het college verder om afschot van zwijnen, deze prachtige nozems van het bos, te voorkomen? Antwoord: het college investeert de komende jaren 500.000euro aan nieuwe rasters en roosters in de gemeente Apeldoorn om de leefgebieden en verkeerswegen zo veilig mogelijk te houden. Dit valt onder het programma Wij-zijn-Veluwe. Ook investeren we in ecologische verbindingen. Door de leefgebieden te verbinden door middel van ecoducten zoals over de Amersfoortse weg, hebben dieren de mogelijkheid te migreren ten behoeve van voedsel, rust en voortplanting. Verder attendeert de gemeente de betreffende organisatie wanneer hun raster of rooster kapot is. Ten slotte beheren we leefgebieden zo biodivers mogelijk, zodat de natuur zelf zoveel mogelijk haar eigen balans kan instellen.